vlak1.png

BONDEN EZINE #1

Clubkadercoach

Koninklijke Nederlandse Hockey Bond

“Iedereen moet kunnen hockeyen, het is aan ons dit te realiseren”

‘Hockey overal en voor iedereen’ is een van de speerpunten van de strategische visie van 2026, waarmee de KNHB binnen vijf jaar toewerkt naar Nederland hockeyland. Boukje Smeets is drie dagen per week werkzaam voor de KNHB en volop aan de slag met dit onderwerp. De overige twee werkdagen is zij docent aan de HAN binnen de Academie Sport en Bewegen. “Doordat er nu ook de mogelijkheid is om Buurtsportcoaches als Clubkadercoach in te zetten op verenigingen, is er zowel binnen als buiten de vereniging aandacht voor een betere sportbeoefening en daarmee ook voor meer sportplezier.”

arrow_right_red.png
lamp.png (copy)
stick.png
vlak1.png

BONDEN EZINE #1

ClubKaderCoach

“Iedereen moet zich welkom voelen om te hockeyen”, aldus Smeets. “Verenigingen spelen hierbij een sleutelrol, maar hockey kan ook op scholen, in de wijk en via bedrijven. Door een attractief en flexibel aanbod, met nieuwe spelvormen en een nieuw bindingsmodel, willen we een inclusieve sport zijn. We willen graag bereiken dat de sport overal kan worden beoefend. Het is aan ons als KNHB om dat te realiseren en de sport nog toegankelijker te maken.”

Maatschappelijke verantwoordelijkheid
Dat is volgens Smeets hard nodig, omdat de stap naar de hockeyvereniging soms nog steeds groot is. “Intern gaat het daar natuurlijk vaak over, we werken niet voor niks met nieuwe, aangepaste spelvormen. Enerzijds heeft dat te maken met cultuur, maar ook het sociaalecomische aspect speelt hierin een rol. We vinden dat we als KNHB een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebben om iedereen kennis te kunnen laten maken met de hockeysport en deze in welke vorm dan ook te beoefenen. Iedereen moet op zijn of haar niveau mee kunnen blijven doen. Om dat te kunnen realiseren, ontwikkelen we bijvoorbeeld Urban Hockey. Urban Hockey is samen met collega Gabrielle van Doorn ontwikkeld om hockey op een andere manier aan te bieden in de wijk en op scholen. Daarnaast wordt het op de verenigingen aangeboden, om meer jongens te stimuleren te hockeyen en ook om de verbinding tussen wijk, school en vereniging te versterken. Zo willen we ervoor zorgen dat kinderen en ouders de stap naar de vereniging gemakkelijker kunnen maken.”

Ander en extra aanbod
“Ook in de competitiestructuur streven we naar een divers aanbod”, vervolgt Smeets. “Het breed motorisch ontwikkelen maakt ook onderdeel uit van het willen blijven vernieuwen als bond. Er wordt zodoende meer aangeboden dan alleen hockeytraining. Tijdens corona resulteert dat bijvoorbeeld in bootcamptrainingen. Eigenlijk moet dat ‘gewoon’ zijn, want het is helemaal niet gek om te variëren in je trainingsaanbod. En wij zien dat, onder normale omstandigheden, het zowel voor volwassenen als voor de jeugd niet altijd meer past om 22 weekeinden op een veld verwacht te worden. Zodoende testen we momenteel flexibele vormen, zoals 7x7-wedstrijden in een onderlinge competitievorm en kijken we naar leden die slechts willen trainen en waar een flexibele bindingsvorm wordt gevraagd. Het aanbieden van ander en extra aanbod is een ontwikkeling die steeds beter past in de huidige Nederlandse maatschappij, waarin de verenigingscultuur nog altijd heel sterk is. Het sociale aspect en oog hebben voor elkaar is er zo enorm ingebakken bij ons allemaal. Daarom ontwikkelt en organiseert de KNHB samen met de verenigingen nieuwe spelvormen voor zowel de jeugd als senioren, allemaal met als doel ‘Hockey overal voor iedereen’.”

Gaandeweg leren
In het volledige hockeyaanbod is het belang van opgeleide en begeleide trainers volgens Smeets erg groot. Goede begeleiding leidt ertoe dat trainers en coaches met meer plezier voor de groep staan, betere trainingen verzorgen en daarmee meer leer- en plezierervaring kunnen creëren bij spelers. Als leden, vrijwilligers en fans (meer) plezier ervaren, is de kans vervolgens ook groter op behoud en werving van leden. “Binnen de hockeysport is de afgelopen jaren geïnvesteerd in een opleidingsstructuur voor het opleiden en begeleiden van technisch kader. Dit heeft onder andere geleid tot Technisch Coördinatoren en Technisch Managers, die ervoor zorgen dat opleiding en begeleiding op verenigingen wordt ingezet en verankerd. Een Clubkadercoach is daarop een mooie toevoeging. De aanwezigheid van Technisch Coördinatoren en Technisch Managers biedt een Clubkadercoach tevens de kans zich volledig te focussen op het pedagogisch-didactische aspect van training geven. Hoewel de KNHB een voorkeur heeft voor een sportspecifieke Clubkadercoach, is het uiteindelijk van belang dat hij of zij weet te boeien. Het is makkelijker om in te stromen als je de basisskills en -regels van hockey beheerst, maar die kun je ook gaandeweg leren. Het is de omgeving waarin je werkt die je uitdaagt. Iedere Clubkadercoach zou daarin mee moeten kunnen.”

Het complete plaatje
Vanuit de strategische visie van de KNHB blijft het ook van belang om kansen te benutten buiten de verenigingen, waar een Buurtsportcoach een grote rol kan spelen. Hij of zij kan de vereniging namelijk enorm ondersteunen door aanbod te creëren in de wijk, om vervolgens een brug naar de vereniging te slaan waar dan weer de Clubkadercoaches actief zijn. “Dat maakt het plaatje compleet, waarin op vele fronten aandacht is voor een veilig en leerzaam sportklimaat”, besluit Smeets. “Het gaat in zulke gevallen om de gemeenschappelijke betrokkenheid, want het is nu eenmaal een samenspel om zoiets voor elkaar te krijgen. Als je elkaar daarin helpt, kun je samen ook naar het doel kijken. Idealiter zou het een win-winsituatie moeten worden; een vereniging wil nu eenmaal meer leden. Het gaat vooral om kinderen meer plezier geven en ervoor zorgen dat ze goed en duurzaam blijven bewegen, zowel binnen als buiten de verenigingen. Het is een positieve ontwikkeling dat door Buurtsportcoaches en Clubkadercoaches voor beide gebieden aandacht is.”

“We willen graag bereiken dat de sport overal kan worden beoefend”

“We kijken naar leden die slechts willen trainen en waar een flexibele bindingsvorm wordt gevraagd”

“Het is de omgeving waarin je werkt die je uitdaagt. Iedere Clubkadercoach zou daarin mee moeten kunnen”

mouse_down_1.png (copy)
knhb_boukje_smeets_-_...
knhb_boukje_smeets_-_... (copy)
knhb_boukje_smeets_-_... (copy1)

“Iedereen moet kunnen hockeyen, het is aan ons dit te realiseren”

‘Hockey overal en voor iedereen’ is een van de speerpunten van de strategische visie van 2026, waarmee de KNHB binnen vijf jaar toewerkt naar Nederland hockeyland. Boukje Smeets is drie dagen per week werkzaam voor de KNHB en volop aan de slag met dit onderwerp. De overige twee werkdagen is zij docent aan de HAN binnen de Academie Sport en Bewegen. “Doordat er nu ook de mogelijkheid is om Buurtsportcoaches als Clubkadercoach in te zetten op verenigingen, is er zowel binnen als buiten de vereniging aandacht voor een betere sportbeoefening en daarmee ook voor meer sportplezier.”

lamp.png (copy)

‘Hockey overal en voor iedereen’ is een van de speerpunten van de strategische visie van 2026, waarmee de KNHB binnen vijf jaar toewerkt naar Nederland hockeyland. Boukje Smeets is drie dagen per week werkzaam voor de KNHB en volop aan de slag met dit onderwerp. De overige twee werkdagen is zij docent aan de HAN binnen de Academie Sport en Bewegen. “Doordat er nu ook de mogelijkheid is om Buurtsportcoaches als Clubkadercoach in te zetten op verenigingen, is er zowel binnen als buiten de vereniging aandacht voor een betere sportbeoefening en daarmee ook voor meer sportplezier.”

“Iedereen moet kunnen hockeyen,
  het is aan ons dit te realiseren”

Koninklijke Nederlandse Hockey Bond
vlak1.png

BONDEN EZINE #1

Clubkadercoach

arrow_right_red.png (copy1)

“Iedereen moet zich welkom voelen om te hockeyen”, aldus Smeets. “Verenigingen spelen hierbij een sleutelrol, maar hockey kan ook op scholen, in de wijk en via bedrijven. Door een attractief en flexibel aanbod, met nieuwe spelvormen en een nieuw bindingsmodel, willen we een inclusieve sport zijn. We willen graag bereiken dat de sport overal kan worden beoefend. Het is aan ons als KNHB om dat te realiseren en de sport nog toegankelijker te maken.”

Maatschappelijke verantwoordelijkheid
Dat is volgens Smeets hard nodig, omdat de stap naar de hockeyvereniging soms nog steeds groot is. “Intern gaat het daar natuurlijk vaak over, we werken niet voor niks met nieuwe, aangepaste spelvormen. Enerzijds heeft dat te maken met cultuur, maar ook het sociaalecomische aspect speelt hierin een rol. We vinden dat we als KNHB een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebben om iedereen kennis te kunnen laten maken met de hockeysport en deze in welke vorm dan ook te beoefenen. Iedereen moet op zijn of haar niveau mee kunnen blijven doen. Om dat te kunnen realiseren, ontwikkelen we bijvoorbeeld Urban Hockey. Urban Hockey is samen met collega Gabrielle van Doorn ontwikkeld om hockey op een andere manier aan te bieden in de wijk en op scholen. Daarnaast wordt het op de verenigingen aangeboden, om meer jongens te stimuleren te hockeyen en ook om de verbinding tussen wijk, school en vereniging te versterken. Zo willen we ervoor zorgen dat kinderen en ouders de stap naar de vereniging gemakkelijker kunnen maken.”

Ander en extra aanbod
“Ook in de competitiestructuur streven we naar een divers aanbod”, vervolgt Smeets. “Het breed motorisch ontwikkelen maakt ook onderdeel uit van het willen blijven vernieuwen als bond. Er wordt zodoende meer aangeboden dan alleen hockeytraining. Tijdens corona resulteert dat bijvoorbeeld in bootcamptrainingen. Eigenlijk moet dat ‘gewoon’ zijn, want het is helemaal niet gek om te variëren in je trainingsaanbod. En wij zien dat, onder normale omstandigheden, het zowel voor volwassenen als voor de jeugd niet altijd meer past om 22 weekeinden op een veld verwacht te worden. Zodoende testen we momenteel flexibele vormen, zoals 7x7-wedstrijden in een onderlinge competitievorm en kijken we naar leden die slechts willen trainen en waar een flexibele bindingsvorm wordt gevraagd. Het aanbieden van ander en extra aanbod is een ontwikkeling die steeds beter past in de huidige Nederlandse maatschappij, waarin de verenigingscultuur nog altijd heel sterk is. Het sociale aspect en oog hebben voor elkaar is er zo enorm ingebakken bij ons allemaal. Daarom ontwikkelt en organiseert de KNHB samen met de verenigingen nieuwe spelvormen voor zowel de jeugd als senioren, allemaal met als doel ‘Hockey overal voor iedereen’.”

Gaandeweg leren
In het volledige hockeyaanbod is het belang van opgeleide en begeleide trainers volgens Smeets erg groot. Goede begeleiding leidt ertoe dat trainers en coaches met meer plezier voor de groep staan, betere trainingen verzorgen en daarmee meer leer- en plezierervaring kunnen creëren bij spelers. Als leden, vrijwilligers en fans (meer) plezier ervaren, is de kans vervolgens ook groter op behoud en werving van leden. “Binnen de hockeysport is de afgelopen jaren geïnvesteerd in een opleidingsstructuur voor het opleiden en begeleiden van technisch kader. Dit heeft onder andere geleid tot Technisch Coördinatoren en Technisch Managers, die ervoor zorgen dat opleiding en begeleiding op verenigingen wordt ingezet en verankerd. Een Clubkadercoach is daarop een mooie toevoeging. De aanwezigheid van Technisch Coördinatoren en Technisch Managers biedt een Clubkadercoach tevens de kans zich volledig te focussen op het pedagogisch-didactische aspect van training geven. Hoewel de KNHB een voorkeur heeft voor een sportspecifieke Clubkadercoach, is het uiteindelijk van belang dat hij of zij weet te boeien. Het is makkelijker om in te stromen als je de basisskills en -regels van hockey beheerst, maar die kun je ook gaandeweg leren. Het is de omgeving waarin je werkt die je uitdaagt. Iedere Clubkadercoach zou daarin mee moeten kunnen.”

Het complete plaatje
Vanuit de strategische visie van de KNHB blijft het ook van belang om kansen te benutten buiten de verenigingen, waar een Buurtsportcoach een grote rol kan spelen. Hij of zij kan de vereniging namelijk enorm ondersteunen door aanbod te creëren in de wijk, om vervolgens een brug naar de vereniging te slaan waar dan weer de Clubkadercoaches actief zijn. “Dat maakt het plaatje compleet, waarin op vele fronten aandacht is voor een veilig en leerzaam sportklimaat”, besluit Smeets. “Het gaat in zulke gevallen om de gemeenschappelijke betrokkenheid, want het is nu eenmaal een samenspel om zoiets voor elkaar te krijgen. Als je elkaar daarin helpt, kun je samen ook naar het doel kijken. Idealiter zou het een win-winsituatie moeten worden; een vereniging wil nu eenmaal meer leden. Het gaat vooral om kinderen meer plezier geven en ervoor zorgen dat ze goed en duurzaam blijven bewegen, zowel binnen als buiten de verenigingen. Het is een positieve ontwikkeling dat door Buurtsportcoaches en Clubkadercoaches voor beide gebieden aandacht is.”