vlak1.png

BONDEN EZINE #1

Clubkadercoach

Koninklijk Nederlands Korfbalverbond

“De basis is gelegd voor beter pedagogisch sportklimaat”

Bij korfbalvereniging Sparta Zwolle hebben ze trainersbegeleiding inmiddels hoog in het vaandel staan. Clubkadercoach Leontien Thewissen hielp de club bij de implementatie ervan. Ze ziet, vanaf een afstandje, hoe goed de zaak nu op de rails staat. “Het geeft een prettig sportief klimaat, er heerst bij Sparta rust én gezelligheid.”

korfxxl.png
bal.png
arrow_right_red.png
tandwiel.png (copy)
vlak1.png

BONDEN EZINE #1

ClubKaderCoach

Leontien Thewissen had als Clubkadercoach een vliegende start bij korfbalvereniging Sparta Zwolle. Niet raar misschien ook, want ze was toentertijd ook al een jaar of twee Buurtsportcoach in dat deel van de stad. “Ik kwam dus ook al een tijdje bij de vereniging zelf. Als Clubkadercoach kwam ik geenszins binnen op onbekend terrein, een prettige binnenkomer. Mijn nieuwe functie was eigenlijk ook gewoon een logisch vervolg op het werk wat ik al deed. Natuurlijk was deze opdracht wel net een stukje specifieker dan mijn andere werkzaamheden, maar feitelijk deed ik al wat aan trainersbegeleiding bij Sparta.”

Thewissen merkte dat ze aanvankelijk nog wel wat mensen moest overtuigen. Het bestuur was enigszins terughoudend. “Het was eigenlijk al lang duidelijk dat men dit binnen de club wel wilde, maar hoe dat nu precies ingevuld moest worden, dat nam toch enige tijd in beslag.” Na enkele presentaties van Thewissen, en gesprekken tussen club, Sportservice Zwolle en de KNKV, kwamen zowel bestuur als technische commissie op één lijn.

Integreren
“Ik merkte daarna dat het voor sommige mensen nog wel een punt was dat ik geen korfbalachtergrond had. Allereerst is het natuurlijk als Clubkadercoach niet mijn taak om de korfballers de techniek bij te brengen, het gaat toch vooral om een pedagogische-didactische visie. Maar, om te integreren en mijn goede wil te tonen, ben ik wel gaan meetrainen met een lager team, waarin al wat leden zaten die training aan anderen gaven. Dat heeft mij veel gebracht, omdat ik zo de mensen én ook de clubcultuur beter leerde kennen. Het was daarna ook zoveel makkelijker om contact te leggen, om zaken aan te stippen.”

Om zichzelf bekend te maken, presenteerde Thewissen zich onder meer op de website. “Daarbij heb ik alle leden uitgelegd wat ik ging doen. En dat heb ik natuurlijk ook nog eens verteld tijdens een introductieavond en bij een trainersbijeenkomst. Bij elke gelegenheid heb ik telkens benadrukt dat ik er kwam om te ondersteunen, niet om te vertellen hoe het beter moest. Want die argwaan proef je toch altijd, dat moet je meteen wegnemen.”

Gezamenlijke trainersbegeleiding
Al snel werd duidelijk dat Thewissen op meerdere borden tegelijk zou schaken. Zo was ze niet alleen actief met de begeleiding van de trainers, maar hielp – mede vanuit haar expertise als Buurtsportcoach – ook mee aan het uitrollen van het nieuwe technische beleid bij Sparta. “Bij dat deel van de transformatie kreeg ik hulp. Omdat behalve pedagogische ook sportieve vraagstukken moesten worden besproken, schoven twee spelers uit het eerste team aan. We deden toen ook gezamenlijk de trainersbegeleiding, zij vanuit korfbaltechnisch opzicht, ik vanuit didactisch oogpunt. Dat werkte heel fijn. En is natuurlijk ook een prima opstap richting borging. Bovendien heb je zo meteen veel meer draagvlak binnen een vereniging.”

Contact met de bond
Thewissen zelf had, mede omdat de Proeftuinen Clubkadercoaching een traject was waar iedereen iets van wilde leren, heel veel contact met de korfbalbond KNKV. “Ik schakelde veel met Job van Eunen, we hadden geregeld contact en hielden elkaar op de hoogte van de vorderingen. Misschien was dat wat uitzonderlijk, ik kan me voorstellen dat het lastig is om dat vol te houden als straks heel veel meer verenigingen een Clubkadercoach hebben. Maar, aan de andere kant: ik zou Clubkadercoaches er wel op willen attenderen dat er heel veel ‘te halen valt’ bij de sportbonden. Vanzelfsprekend zit daar veel sportspecifieke kennis, kunnen ze je er helpen met trainerscursussen. Elke bond heeft waarschijnlijk wel een database met handige filmpjes, nuttige feitjes en belangrijke informatie. Daar kun je als Clubkadercoach zelf iets mee, maar ook de trainers die je begeleidt kun je daarmee beter op weg helpen.”

Thewissen vervolgt: “Het was als Clubkadercoach bij Sparta vooral belangrijk dat ik de trainers van de jongste jeugd begeleidde. Die liepen vaak vast. Het waren ook bijna allemaal jonge trainers, met weinig ervaring op dat vlak. Inmiddels hebben heel veel trainers bij de club, met nadrukkelijke medewerking van de korfbalbond trouwens, een trainerscursus gevolgd. Dat moet voor iedereen, zowel trainers, ouders, spelers als het clubbestuur, een goed gevoel geven. Er staan nu geen onbevoegde, niet-gediplomeerde begeleiders meer voor de groep, maar echt opgeleide trainers. Dat is, als je op je club een veilig sportklimaat wilt creëren, een klimaat waarin ieder lekker kan sporten, erg belangrijk. Dat gevoel, dat geeft rust én gezelligheid, op de vereniging.”

Voortdurend proces
Inmiddels is Thewissen verder getrokken, maar van een afstandje ziet ze dat het goed gaat bij Sparta. De club heeft inmiddels een interne trainersbegeleider, een teken dat de borging van Clubkadercoaching gelukt is. “Ze geven er op sommige punten hun eigen draai aan, dat maakt het voor die club goed werkbaar. Dat is natuurlijk toch het belangrijkste. Dat iemand het blijft aanjagen.”

Thewissen noemt Clubkadercoaching “een voortdurend proces”. “Het is natuurlijk nooit helemaal af, je kunt altijd nog wat verbeteren, aanscherpen. Wat ik vooral belangrijk vind is dat nu de basis is gelegd voor een beter pedagogisch sportklimaat. Het zal heus niet direct allemaal goed gaan, maar er is nu wel oog voor als er iets misloopt. Dat wordt direct gezien. En daar kan dan bewust actie op worden ondernomen. Voorheen kon zoiets jarenlang blijven sluimeren.”

“Ik merkte dat het voor sommige mensen nog wel een punt was dat ik geen korfbalachtergrond had”

“Ik heb telkens benadrukt dat ik er kwam om te ondersteunen, niet om te vertellen hoe het beter moest

knkv_mathilde_twelkem...
bal.png (copy)
mouse_down_1.png (copy)

“De basis is gelegd voor beter pedagogisch sportklimaat”

Bij korfbalvereniging Sparta Zwolle hebben ze trainersbegeleiding inmiddels hoog in het vaandel staan. Clubkadercoach Leontien Thewissen hielp de club bij de implementatie ervan. Ze ziet, vanaf een afstandje, hoe goed de zaak nu op de rails staat. “Het geeft een prettig sportief klimaat, er heerst bij Sparta rust én gezelligheid.”

vlak1.png

BONDEN EZINE #1

Clubkadercoach

tandwiel.png (copy)

Koninklijk Nederlands Korfbalverbond

“De basis is gelegd voor beter pedagogisch sportklimaat”

Bij korfbalvereniging Sparta Zwolle hebben ze trainersbegeleiding inmiddels hoog in het vaandel staan. Clubkadercoach Leontien Thewissen hielp de club bij de implementatie ervan. Ze ziet, vanaf een afstandje, hoe goed de zaak nu op de rails staat. “Het geeft een prettig sportief klimaat, er heerst bij Sparta rust én gezelligheid.”

arrow_right_red.png (copy1)

Leontien Thewissen had als Clubkadercoach een vliegende start bij korfbalvereniging Sparta Zwolle. Niet raar misschien ook, want ze was toentertijd ook al een jaar of twee Buurtsportcoach in dat deel van de stad. “Ik kwam dus ook al een tijdje bij de vereniging zelf. Als Clubkadercoach kwam ik geenszins binnen op onbekend terrein, een prettige binnenkomer. Mijn nieuwe functie was eigenlijk ook gewoon een logisch vervolg op het werk wat ik al deed. Natuurlijk was deze opdracht wel net een stukje specifieker dan mijn andere werkzaamheden, maar feitelijk deed ik al wat aan trainersbegeleiding bij Sparta.”

Thewissen merkte dat ze aanvankelijk nog wel wat mensen moest overtuigen. Het bestuur was enigszins terughoudend. “Het was eigenlijk al lang duidelijk dat men dit binnen de club wel wilde, maar hoe dat nu precies ingevuld moest worden, dat nam toch enige tijd in beslag.” Na enkele presentaties van Thewissen, en gesprekken tussen club, Sportservice Zwolle en de KNKV, kwamen zowel bestuur als technische commissie op één lijn.

Integreren
“Ik merkte daarna dat het voor sommige mensen nog wel een punt was dat ik geen korfbalachtergrond had. Allereerst is het natuurlijk als Clubkadercoach niet mijn taak om de korfballers de techniek bij te brengen, het gaat toch vooral om een pedagogische-didactische visie. Maar, om te integreren en mijn goede wil te tonen, ben ik wel gaan meetrainen met een lager team, waarin al wat leden zaten die training aan anderen gaven. Dat heeft mij veel gebracht, omdat ik zo de mensen én ook de clubcultuur beter leerde kennen. Het was daarna ook zoveel makkelijker om contact te leggen, om zaken aan te stippen.”

Om zichzelf bekend te maken, presenteerde Thewissen zich onder meer op de website. “Daarbij heb ik alle leden uitgelegd wat ik ging doen. En dat heb ik natuurlijk ook nog eens verteld tijdens een introductieavond en bij een trainersbijeenkomst. Bij elke gelegenheid heb ik telkens benadrukt dat ik er kwam om te ondersteunen, niet om te vertellen hoe het beter moest. Want die argwaan proef je toch altijd, dat moet je meteen wegnemen.”

Gezamenlijke trainersbegeleiding
Al snel werd duidelijk dat Thewissen op meerdere borden tegelijk zou schaken. Zo was ze niet alleen actief met de begeleiding van de trainers, maar hielp – mede vanuit haar expertise als Buurtsportcoach – ook mee aan het uitrollen van het nieuwe technische beleid bij Sparta. “Bij dat deel van de transformatie kreeg ik hulp. Omdat behalve pedagogische ook sportieve vraagstukken moesten worden besproken, schoven twee spelers uit het eerste team aan. We deden toen ook gezamenlijk de trainersbegeleiding, zij vanuit korfbaltechnisch opzicht, ik vanuit didactisch oogpunt. Dat werkte heel fijn. En is natuurlijk ook een prima opstap richting borging. Bovendien heb je zo meteen veel meer draagvlak binnen een vereniging.”

Contact met de bond
Thewissen zelf had, mede omdat de Proeftuinen Clubkadercoaching een traject was waar iedereen iets van wilde leren, heel veel contact met de korfbalbond KNKV. “Ik schakelde veel met Job van Eunen, we hadden geregeld contact en hielden elkaar op de hoogte van de vorderingen. Misschien was dat wat uitzonderlijk, ik kan me voorstellen dat het lastig is om dat vol te houden als straks heel veel meer verenigingen een Clubkadercoach hebben. Maar, aan de andere kant: ik zou Clubkadercoaches er wel op willen attenderen dat er heel veel ‘te halen valt’ bij de sportbonden. Vanzelfsprekend zit daar veel sportspecifieke kennis, kunnen ze je er helpen met trainerscursussen. Elke bond heeft waarschijnlijk wel een database met handige filmpjes, nuttige feitjes en belangrijke informatie. Daar kun je als Clubkadercoach zelf iets mee, maar ook de trainers die je begeleidt kun je daarmee beter op weg helpen.”

Thewissen vervolgt: “Het was als Clubkadercoach bij Sparta vooral belangrijk dat ik de trainers van de jongste jeugd begeleidde. Die liepen vaak vast. Het waren ook bijna allemaal jonge trainers, met weinig ervaring op dat vlak. Inmiddels hebben heel veel trainers bij de club, met nadrukkelijke medewerking van de korfbalbond trouwens, een trainerscursus gevolgd. Dat moet voor iedereen, zowel trainers, ouders, spelers als het clubbestuur, een goed gevoel geven. Er staan nu geen onbevoegde, niet-gediplomeerde begeleiders meer voor de groep, maar echt opgeleide trainers. Dat is, als je op je club een veilig sportklimaat wilt creëren, een klimaat waarin ieder lekker kan sporten, erg belangrijk. Dat gevoel, dat geeft rust én gezelligheid, op de vereniging.”

Voortdurend proces
Inmiddels is Thewissen verder getrokken, maar van een afstandje ziet ze dat het goed gaat bij Sparta. De club heeft inmiddels een interne trainersbegeleider, een teken dat de borging van Clubkadercoaching gelukt is. “Ze geven er op sommige punten hun eigen draai aan, dat maakt het voor die club goed werkbaar. Dat is natuurlijk toch het belangrijkste. Dat iemand het blijft aanjagen.”

Thewissen noemt Clubkadercoaching “een voortdurend proces”. “Het is natuurlijk nooit helemaal af, je kunt altijd nog wat verbeteren, aanscherpen. Wat ik vooral belangrijk vind is dat nu de basis is gelegd voor een beter pedagogisch sportklimaat. Het zal heus niet direct allemaal goed gaan, maar er is nu wel oog voor als er iets misloopt. Dat wordt direct gezien. En daar kan dan bewust actie op worden ondernomen. Voorheen kon zoiets jarenlang blijven sluimeren.”