vlak1.png

BONDEN EZINE #1

Clubkadercoach

Nederlands
Handbal Verbond

HV Leidsche Rijn wil trainersbegeleiding als een olievlek verspreiden

HV Leidsche Rijn was een van de deelnemende verenigingen aan het project ‘Proeftuinen Clubkadercoaching’. Hoewel het coronavirus de voortgang ietwat belemmerde, is de urgentie van trainersbegeleiding duidelijk voor de Utrechtse handbalvereniging. Esther Spoelstra, jeugdvoorzitter bij HV Leidsche Rijn, blikt terug op de proefperiode en vooruit op de toekomst van Clubkadercoaching bij de vereniging.

arrow_right_red.png
lamp.png (copy1)
handbaldoel.png
vlak1.png

BONDEN EZINE #1

ClubKaderCoach

HV Leidsche Rijn is een relatief grote handbalvereniging, met twintig jeugdteams. Zij worden getraind door goedwillende vrijwilligers. “Vaak zijn dat oud-leden of ouders. Handbaltechnische kennis hebben zij wel, maar het pedagogisch-didactische aspect is onderbelicht. Hoe ga je als je trainer met een groep om? Wanneer geef je een compliment en hoe lever je kritiek? Daar wil je ook aandacht voor, want dat vormt minstens vijftig procent van een goede training.”

Pedagogisch-didactisch fundament
De wens om meer pedagogisch-didactische kennis binnen het trainerskader te implementeren, komt niet alleen vanuit Spoelstra en haar medebestuursleden. Ook trainers, spelers en ouders hebben er behoefte aan. “Gedurende het seizoen spelen er altijd wel dingetjes op dat pedagogische vlak”, aldus Spoelstra. “Een speler voelt zich niet fijn of valt buiten de groep, de ouders hebben een duidelijke mening over een trainer of de trainer vindt het eigenlijk helemaal niet zo gemakkelijk om twee keer per week voor de groep te staan. Als bestuur of technische commissie los je zullen gevallen op door telkens weer met de betrokkenen te spreken. Met een Clubkadercoach kun je zulke probleempjes preventief aanpakken, want dan ligt er een beter pedagogisch-didactisch fundament. Zelf hebben we onze handen vol aan het draaiende houden van de vereniging, dus het is alleen maar fijn als er via een Clubkadercoach extra hulp komt op het gebied van trainersbegeleiding.”

HV Leidsche Rijn ging dan ook in op het verzoek om mee te doen met de ‘Proeftuinen Clubkadercoaching’. Goede communicatie richting de trainers over de komst van de Clubkadercoach is daarbij noodzakelijk. Zo voorkom je negatieve reacties op de komst van een ‘buitenstaander’. “Van de twintig reageerden er vijftien enthousiast, waren er drie nog wat sceptisch en zagen twee trainers er niet zoveel heil in. Er zitten natuurlijk ook natuurtalenten tussen de vrijwilligers, die de pedagogisch-didactische kneepjes van het trainersvak in de loop der jaren echt wel in de vingers hebben gekregen, maar over het algemeen stonden ze er dus voor open. Het helpt natuurlijk ook dat de Clubkadercoach is opgeleid voor zijn of haar werk, dat maakt de uitleg richting de trainers gemakkelijker.”

Olievlek
De Clubkadercoach kwam, observeerde, sprak met de trainers en had vervolgens enkele aanbevelingen. Het toepassen van deze aanbevelingen werd hier en daar gehinderd door het coronavirus, maar toch zijn de eerste stappen voor toekomstige trainersbegeleiding bij HV Leidsche Rijn wel degelijk gezet. Het urgentiebesef voor trainersbegeleiding is aanwezig: acht jeugdtrainers gaan starten met een opleiding van NOC*NSF en een van de ouders binnen de vereniging geeft het tijdelijke werk van de Clubkadercoach een vervolg. “Dat moet nog wel een beetje van de grond komen, in de praktijk staat het nog op een laat pitje. De trainersbegeleiding moet zich straks als een olievlek over de vereniging gaan verspreiden. De acht trainers die de opleiding gaan volgen, kunnen hun kennis vervolgens weer delen met de andere trainers. Zo breng je een balletje aan het rollen. Een vereniging die uitstraalt de trainersbegeleiding op orde te hebben, is aantrekkelijk voor huidige en potentiële leden. Dat is echt een pluspunt voor een vereniging.”

Luidkeels verkondigen
Voor het slagen van toekomstige trainersbegeleiding, ook bij andere handbalverenigingen, ziet Spoelstra een belangrijke rol weggelegd voor het NHV. “Gedurende de pilot zijn zij betrokken geweest en waren ze aanwezig bij gesprekken over de Clubkadercoach. Dat hielp goed, want daardoor word je toch weer geprikkeld. In de huidige opleidingen van de bond voert het handbaltechnische aspect echter nog steeds de boventoon. Daarin mogen ze het pedagogisch-didactische aspect wel meer verweven, de Clubkadercoach mag nog meer luidkeels verkondigd worden. Als dat regelmatig gebeurt, creëren ze een beweging waarin meer en meer verenigingen weten van de Clubkadercoach en meer ermee aan de slag zullen gaan. Wij willen onze kennis graag weer delen met andere verenigingen, ergens anders in het land, bij een club die niet meedeed aan de pilot. Daar hebben we de bond ook bij nodig, zij kunnen aan de slag met de opbrengsten uit de proefperiode. Maar ik snap heel goed dat dit makkelijker gezegd is dan gedaan.”

“Met een Clubkadercoach kun je probleempjes preventief aanpakken, want dan ligt er een beter pedagogisch-didactisch fundament”

“De Clubkadercoach is opgeleid voor zijn werk, dat maakt de uitleg richting de trainers gemakkelijker”

mouse_down_1.png (copy)
nhv_hv_leidsche_rijn_2_kopie_ren.png
nhv_hv_leidsche_rijn_1_kopie_ren.png

HV Leidsche Rijn wil trainersbegeleiding als een olievlek verspreiden

HV Leidsche Rijn was een van de deelnemende verenigingen aan het project ‘Proeftuinen Clubkadercoaching’. Hoewel het coronavirus de voortgang ietwat belemmerde, is de urgentie van trainersbegeleiding duidelijk voor de Utrechtse handbalvereniging. Esther Spoelstra, jeugdvoorzitter bij HV Leidsche Rijn, blikt terug op de proefperiode en vooruit op de toekomst van Clubkadercoaching bij de vereniging.

vlak1.png

BONDEN EZINE #1

Clubkadercoach

Nederlands
Handbal Verbond

HV Leidsche Rijn wil trainersbegeleiding als een olievlek verspreiden

HV Leidsche Rijn was een van de deelnemende verenigingen aan het project ‘Proeftuinen Clubkadercoaching’. Hoewel het coronavirus de voortgang ietwat belemmerde, is de urgentie van trainersbegeleiding duidelijk voor de Utrechtse handbalvereniging. Esther Spoelstra, jeugdvoorzitter bij HV Leidsche Rijn, blikt terug op de proefperiode en vooruit op de toekomst van Clubkadercoaching bij de vereniging.

lamp.png (copy1)
arrow_right_red.png (copy1)

HV Leidsche Rijn is een relatief grote handbalvereniging, met twintig jeugdteams. Zij worden getraind door goedwillende vrijwilligers. “Vaak zijn dat oud-leden of ouders. Handbaltechnische kennis hebben zij wel, maar het pedagogisch-didactische aspect is onderbelicht. Hoe ga je als je trainer met een groep om? Wanneer geef je een compliment en hoe lever je kritiek? Daar wil je ook aandacht voor, want dat vormt minstens vijftig procent van een goede training.”

Pedagogisch-didactisch fundament
De wens om meer pedagogisch-didactische kennis binnen het trainerskader te implementeren, komt niet alleen vanuit Spoelstra en haar medebestuursleden. Ook trainers, spelers en ouders hebben er behoefte aan. “Gedurende het seizoen spelen er altijd wel dingetjes op dat pedagogische vlak”, aldus Spoelstra. “Een speler voelt zich niet fijn of valt buiten de groep, de ouders hebben een duidelijke mening over een trainer of de trainer vindt het eigenlijk helemaal niet zo gemakkelijk om twee keer per week voor de groep te staan. Als bestuur of technische commissie los je zullen gevallen op door telkens weer met de betrokkenen te spreken. Met een Clubkadercoach kun je zulke probleempjes preventief aanpakken, want dan ligt er een beter pedagogisch-didactisch fundament. Zelf hebben we onze handen vol aan het draaiende houden van de vereniging, dus het is alleen maar fijn als er via een Clubkadercoach extra hulp komt op het gebied van trainersbegeleiding.”

HV Leidsche Rijn ging dan ook in op het verzoek om mee te doen met de ‘Proeftuinen Clubkadercoaching’. Goede communicatie richting de trainers over de komst van de Clubkadercoach is daarbij noodzakelijk. Zo voorkom je negatieve reacties op de komst van een ‘buitenstaander’. “Van de twintig reageerden er vijftien enthousiast, waren er drie nog wat sceptisch en zagen twee trainers er niet zoveel heil in. Er zitten natuurlijk ook natuurtalenten tussen de vrijwilligers, die de pedagogisch-didactische kneepjes van het trainersvak in de loop der jaren echt wel in de vingers hebben gekregen, maar over het algemeen stonden ze er dus voor open. Het helpt natuurlijk ook dat de Clubkadercoach is opgeleid voor zijn of haar werk, dat maakt de uitleg richting de trainers gemakkelijker.”

Olievlek
De Clubkadercoach kwam, observeerde, sprak met de trainers en had vervolgens enkele aanbevelingen. Het toepassen van deze aanbevelingen werd hier en daar gehinderd door het coronavirus, maar toch zijn de eerste stappen voor toekomstige trainersbegeleiding bij HV Leidsche Rijn wel degelijk gezet. Het urgentiebesef voor trainersbegeleiding is aanwezig: acht jeugdtrainers gaan starten met een opleiding van NOC*NSF en een van de ouders binnen de vereniging geeft het tijdelijke werk van de Clubkadercoach een vervolg. “Dat moet nog wel een beetje van de grond komen, in de praktijk staat het nog op een laat pitje. De trainersbegeleiding moet zich straks als een olievlek over de vereniging gaan verspreiden. De acht trainers die de opleiding gaan volgen, kunnen hun kennis vervolgens weer delen met de andere trainers. Zo breng je een balletje aan het rollen. Een vereniging die uitstraalt de trainersbegeleiding op orde te hebben, is aantrekkelijk voor huidige en potentiële leden. Dat is echt een pluspunt voor een vereniging.”

Luidkeels verkondigen
Voor het slagen van toekomstige trainersbegeleiding, ook bij andere handbalverenigingen, ziet Spoelstra een belangrijke rol weggelegd voor het NHV. “Gedurende de pilot zijn zij betrokken geweest en waren ze aanwezig bij gesprekken over de Clubkadercoach. Dat hielp goed, want daardoor word je toch weer geprikkeld. In de huidige opleidingen van de bond voert het handbaltechnische aspect echter nog steeds de boventoon. Daarin mogen ze het pedagogisch-didactische aspect wel meer verweven, de Clubkadercoach mag nog meer luidkeels verkondigd worden. Als dat regelmatig gebeurt, creëren ze een beweging waarin meer en meer verenigingen weten van de Clubkadercoach en meer ermee aan de slag zullen gaan. Wij willen onze kennis graag weer delen met andere verenigingen, ergens anders in het land, bij een club die niet meedeed aan de pilot. Daar hebben we de bond ook bij nodig, zij kunnen aan de slag met de opbrengsten uit de proefperiode. Maar ik snap heel goed dat dit makkelijker gezegd is dan gedaan.”