“In onze hoogtijdagen hadden we meer dan 150 leden”

Lucie van den Boorn

“Bridge zorgt ervoor dat ik moet blijven nadenken en dat ik onder de mensen blijf komen.”

Lucie van den Boorn

Peters

Lucie van den Boorn vierde in augustus haar 100ste verjaardag. De Maastrichtse bruist nog altijd van de levenslust. Dat komt voornamelijk door bridge. Ze speelt nog drie keer per week bij haar clubs. Het kaartspel is al vijftig jaar haar grootste hobby én, naar eigen zeggen, een belangrijke reden waarom ze zo actief blijft. 

‘In onze hoogtijdagen hadden we meer dan 150 leden’, zegt mevrouw Van den Boorn. ‘Er kwamen mensen uit Valkenburg naar Maastricht om bij onze niet-rokersclub te bridgen. We waren echt anders dan de andere clubs. Maar tegenwoordig mag je bij geen enkele club meer roken. We hebben nu nog ongeveer 40 leden.’

Nog altijd speelt ze dus drie keer per week bij haar clubs. ‘Ik zie het ook als een heel leuke training’, zegt ze. ‘Je moet je aandacht erbij houden, hoofdrekenen en de volgorde bepalen. Als je even je concentratie verliest, kan het al fataal zijn. Ik wil het goed doen, al moet ik zeggen dat winnen minder belangrijk wordt als je zo oud bent.’

Een vaste partner heeft ze niet. Ze vindt het ook leuk om met verschillende mensen te spelen. ‘Ik heb altijd mijn eigen systeemkaart bij me. Die geef ik aan mijn partner’, zegt mevrouw Van den Boorn. Om daar met een lach aan toe te voegen: ‘Daar moet mijn partner maar genoegen mee nemen, haha.’

Over het antwoord op de vraag hoe ze zo vitaal 100 jaar is geworden, hoeft ze niet lang na te denken. ‘Ik zorg dat ik lekker bezig blijf en heb nooit gerookt. Ja, ik heb vroeger ooit één sigaret gerookt. Dat vond ik zo vies, dat ik daarna nooit meer een sigaret heb aangeraakt. En o ja, ik drink één glaasje port per week. Heerlijk.’

Toch was haar 100ste verjaardag ook een soort van besefmoment, bekent ze. ‘Ja, opeens kom je tot de ontdekking dat je eigenlijk echt oud bent. Maar ik voel me nog steeds goed, al heb ik her en der wel wat lichamelijke gebreken. Maar één ding weet ik zeker: zolang als ik kan, blijf ik bridgen.’

Wat heet: ze is lid bij drie clubs in Maastricht en is er wekelijks te vinden. Veel leden zijn door de jaren heen vrienden of kennissen geworden. Vooral de sfeer op de clubs kan ze waarderen. ‘Iedereen is vriendelijk tegen elkaar. En als er nieuwe leden zijn, dan doet iedereen zijn best om hen op hun gemak te stellen.’

Voor mevrouw Van den Boorn zijn de bridgemomenten haar belangrijkste uitjes van de week. ‘Ik woon in een verzorgingshuis in Maastricht. Daar worden zo nu en dan activiteiten georganiseerd waaraan ik meedoe. Dat vind ik ook leuk, maar ik moet eerlijk bekennen dat ik veel meer met de mensen van mijn bridgeclubs heb.’

Mevrouw van den Boorn werd geboren in Heugem, een klein dorpje onder Maastricht. Ze groeide op op een boerderij, waar naar eigen zeggen altijd hard gewerkt moest worden. Met bridge kwam ze pas later in aanraking, ongeveer 50 jaar geleden. Met haar vriendinnen besloot ze een cursus te gaan volgen.

‘We vonden het heel leuk, dus we besloten na de cursus om meteen lid te worden bij een club. We wilden het zo snel mogelijk goed onder de knie krijgen. We waren zo enthousiast dat we tegen elkaar zeiden dat we onze mannen ook aan het bridgen moesten krijgen. Amper een jaar later was het zover en zaten zij op de cursus.’  

Al snel volgden de bridgeweekenden en -vakanties. Volgens mevrouw Van den Boorn altijd behorend tot haar hoogtepunten van het jaar. ‘Vaak maakten we er een combinatie van: overdag gingen we met z’n allen wandelen of een andere activiteit doen en ‘s avonds werd er fanatiek gebridged. Iedereen wilde winnen, haha.’

Maar dat was niet het enige. Ook besloten ze zo’n dertig jaar geleden een eigen niet-rokersclub op te zetten. Inmiddels zit mevrouw van den Boorn niet meer in het bestuur van bridgeclub D'Artagnan, maar is ze benoemd tot erelid. Op de club speelde ze vaak met haar man, maar hij is inmiddels overleden.

Als mevrouw Van den Boorn na een clubavond thuis komt, stroomt de adrenaline nog door haar lichaam. Vaak pakt ze nog iets te eten, slaat een boek open of gaat zitten breien. ‘Ik ben nog klaarwakker, dus het heeft geen zin om meteen naar bed te gaan’, zegt ze. ‘Vaak kom ik rond 23.00 uur thuis en is het 01.00 uur voordat ik op bed lig.’

Moe is ze de volgende dag niet door het bridgen. Volgens mevrouw Van den Boorn is het tegenovergestelde waar: ze krijgt naar eigen zeggen juist energie van het spel dat ze al 50 jaar met heel veel plezier speelt. ‘Bridge zorgt ervoor dat ik moet blijven nadenken en dat ik onder de mensen blijf komen.’

“In onze hoogtijdagen hadden we meer dan 150 leden”

Lucie van den Boorn

‘In onze hoogtijdagen hadden we meer dan 150 leden’, zegt mevrouw Van den Boorn. ‘Er kwamen mensen uit Valkenburg naar Maastricht om bij onze niet-rokersclub te bridgen. We waren echt anders dan de andere clubs. Maar tegenwoordig mag je bij geen enkele club meer roken. We hebben nu nog ongeveer 40 leden.’

Nog altijd speelt ze dus drie keer per week bij haar clubs. ‘Ik zie het ook als een heel leuke training’, zegt ze. ‘Je moet je aandacht erbij houden, hoofdrekenen en de volgorde bepalen. Als je even je concentratie verliest, kan het al fataal zijn. Ik wil het goed doen, al moet ik zeggen dat winnen minder belangrijk wordt als je zo oud bent.’

Een vaste partner heeft ze niet. Ze vindt het ook leuk om met verschillende mensen te spelen. ‘Ik heb altijd mijn eigen systeemkaart bij me. Die geef ik aan mijn partner’, zegt mevrouw Van den Boorn. Om daar met een lach aan toe te voegen: ‘Daar moet mijn partner maar genoegen mee nemen, haha.’

Over het antwoord op de vraag hoe ze zo vitaal 100 jaar is geworden, hoeft ze niet lang na te denken. ‘Ik zorg dat ik lekker bezig blijf en heb nooit gerookt. Ja, ik heb vroeger ooit één sigaret gerookt. Dat vond ik zo vies, dat ik daarna nooit meer een sigaret heb aangeraakt. En o ja, ik drink één glaasje port per week. Heerlijk.’

Toch was haar 100ste verjaardag ook een soort van besefmoment, bekent ze. ‘Ja, opeens kom je tot de ontdekking dat je eigenlijk echt oud bent. Maar ik voel me nog steeds goed, al heb ik her en der wel wat lichamelijke gebreken. Maar één ding weet ik zeker: zolang als ik kan, blijf ik bridgen.’

Sterke punt én valkuil
Zelf omschrijft Lindeman ‘de wil om te winnen’ als zijn sterke punt, al weet hij dat het ook zijn valkuil kan zijn. “Ik kan er echt de pest in hebben als we niet goed spelen of als ik fouten maak. Dan blijft het in mijn hoofd zitten, terwijl ik het eigenlijk meteen moet vergeten en het volgende spel moet spelen. Maar soms kan ik er ‘s avonds letterlijk niet van slapen, omdat een fout dan nog door mijn hoofd spookt.”

Staande ovatie
Op de vraag of hij en Jansma op de dag van de finale de wedstrijd in het IMP & Lombard Topcircuit nog wel hadden gewonnen, blijft het even stil. “Nee”, moet Lindeman bekennen, “het was, mede door mijn vermoeidheid, heel slecht gegaan.” 

Eenmaal terug bij De Lombard kreeg het team een staande ovatie van de rest van de leden en was er champagne voor de hele club. “Toen hebben we met ons team gezegd dat we het ergens in januari nog een keer groot zouden vieren”, aldus Lindeman, die ondertussen alweer uitkijkt naar de Champions’ Cup van dit jaar, waar De Lombard als titelverdediger sowieso aan mag deelnemen. “Dat is prachtig, toch?”

“Dit is voor mij zonder twijfel het hoogtepunt
uit mijn bridgecarrière”

Rob Lindeman

Als mevrouw Van den Boorn na een clubavond thuis komt, stroomt de adrenaline nog door haar lichaam. Vaak pakt ze nog iets te eten, slaat een boek open of gaat zitten breien. ‘Ik ben nog klaarwakker, dus het heeft geen zin om meteen naar bed te gaan’, zegt ze. ‘Vaak kom ik rond 23.00 uur thuis en is het 01.00 uur voordat ik op bed lig.’

Moe is ze de volgende dag niet door het bridgen. Volgens mevrouw Van den Boorn is het tegenovergestelde waar: ze krijgt naar eigen zeggen juist energie van het spel dat ze al 50 jaar met heel veel plezier speelt. ‘Bridge zorgt ervoor dat ik moet blijven nadenken en dat ik onder de mensen blijf komen.’

Wat heet: ze is lid bij drie clubs in Maastricht en is er wekelijks te vinden. Veel leden zijn door de jaren heen vrienden of kennissen geworden. Vooral de sfeer op de clubs kan ze waarderen. ‘Iedereen is vriendelijk tegen elkaar. En als er nieuwe leden zijn, dan doet iedereen zijn best om hen op hun gemak te stellen.’

Voor mevrouw Van den Boorn zijn de bridgemomenten haar belangrijkste uitjes van de week. ‘Ik woon in een verzorgingshuis in Maastricht. Daar worden zo nu en dan activiteiten georganiseerd waaraan ik meedoe. Dat vind ik ook leuk, maar ik moet eerlijk bekennen dat ik veel meer met de mensen van mijn bridgeclubs heb.’

Mevrouw van den Boorn werd geboren in Heugem, een klein dorpje onder Maastricht. Ze groeide op op een boerderij, waar naar eigen zeggen altijd hard gewerkt moest worden. Met bridge kwam ze pas later in aanraking, ongeveer 50 jaar geleden. Met haar vriendinnen besloot ze een cursus te gaan volgen.

‘We vonden het heel leuk, dus we besloten na de cursus om meteen lid te worden bij een club. We wilden het zo snel mogelijk goed onder de knie krijgen. We waren zo enthousiast dat we tegen elkaar zeiden dat we onze mannen ook aan het bridgen moesten krijgen. Amper een jaar later was het zover en zaten zij op de cursus.’  

Al snel volgden de bridgeweekenden en -vakanties. Volgens mevrouw Van den Boorn altijd behorend tot haar hoogtepunten van het jaar. ‘Vaak maakten we er een combinatie van: overdag gingen we met z’n allen wandelen of een andere activiteit doen en ‘s avonds werd er fanatiek gebridged. Iedereen wilde winnen, haha.’

Maar dat was niet het enige. Ook besloten ze zo’n dertig jaar geleden een eigen niet-rokersclub op te zetten. Inmiddels zit mevrouw van den Boorn niet meer in het bestuur van bridgeclub D'Artagnan, maar is ze benoemd tot erelid. Op de club speelde ze vaak met haar man, maar hij is inmiddels overleden.

“Bridge zorgt ervoor dat ik moet blijven nadenken en dat ik onder de mensen blijf komen.”

Lucie van den Boorn

Peters

Lucie van den Boorn vierde in augustus haar 100ste verjaardag. De Maastrichtse bruist nog altijd van de levenslust. Dat komt voornamelijk door bridge. Ze speelt nog drie keer per week bij haar clubs. Het kaartspel is al vijftig jaar haar grootste hobby én, naar eigen zeggen, een belangrijke reden waarom ze zo actief blijft.